Vanaf de Renaissance nam het bestuderen van de natuur en de kosmos in met name Europa een grote vlucht. Deze trend werd doorgezet in het tijdperk van de Verlichting. Ook in Nederland verschenen werken om de nieuwe ontdekkingen en inzichten te kunnen delen met een groter publiek. Een voorbeeld van zo’n educatief werk is de Katechismus der Natuur van J.F. Martinet, uitgegeven in 1778-1779. De uitgebreide beschrijving van natuurverschijnselen (van kosmos tot korrel zand) in dat boek dienen tevens als lofzang van Gods schepping: wat zit de wereld toch prachtig in elkaar!

Door dit te lezen krijg je als lezer inzicht in wat men toen wist of meende te weten, hoe men er tegenaan keek en wat men de moeite waard vond om door te geven. Daarnaast zorgt het vasthouden van dergelijke oude boekdelen voor de bekende historische sensatie: je raakt de geschiedenis even aan, bijna 250 jaar geleden hebben ook mensen precies deze boeken vastgehouden en wellicht gelezen. De boeken zijn bovendien voorzien van in totaal 29 fraaie prenten, geëtst of gegraveerd met een grote mate van detail en helderheid, waarvan een drietal bovendien met de hand is ingekleurd. Kortom: voldoende reden om deze set eens nader te bekijken.

Let op: longread, maar laat je niet afschrikken en bekijk op zijn minst de mooie prenten verderop.

De auteur

Jo(h)annes Florentius Martinet (1729-1795) was een Nederlands theoloog, natuurkundige en pedagoog. Hij studeerde theologie en natuurwetenschappen te Leiden en promoveerde op 22 Juni 1753 tot “phil. dr. et art. mag.” op een proefschrift over de ademhaling van insecten (de Respiratione insectorum). Martinet werd predikant en werkte als zodanig vanaf 1775 te Zutphen. Daar heeft hij ook zijn Katechismus geschreven.

Martinet was een echte 18e-eeuwer: veelzijdig, enthousiast natuuronderzoeker, lid van verschillende genootschappen en deelnemer aan prijsvragen:

De kennis der natuur was de lievelingsstudie van dezen predikant en zoo beantwoordde hij in 1767 een prijsvraag door de Holl. Maatsch. van Wetenschappen uitgeschreven: ‘Wat of er tot dien tijd over de natuurlijke historie van ons vaderland geschreven was, wat er aan ontbrak en welke de beste wijze was waarop die geschiedenis zou dienen geschreven te worden’, welk antwoord met zilver bekroond werd. 

Martinet schreef veel verschillende werken, waaronder:

  • Kerkelijke geschiedenis der Waldenzen (1765)
  • Katechismus der Natuur (1777-1779)
  • Kleine katechismus voor kinderen (1779)
  • Historie der waereld (9 delen, 1780-1788)
  • Het vereenigd Nederland (1788)
  • Huisboek voor vaderlandsche huisgezinnen (1793)
  • Verhandelingen en waarnemingen over de natuurlijke historie (1796)

Zijn levensbeschouwing en aanpak maakten Martinet tot wat men wel een fysico-theoloog is gaan noemen, doordat hij natuurwetenschap en theologie probeert te verenigen in zijn werk. De titel Katechismus der Natuur is in dat opzicht al veelzeggend.

Aan de fysicotheologie en de achtergronden hiervan is een zeer verhelderend hoofdstuk gewijd in Worm en donder [W&D, pp. 449-474; zie bronvermelding onderaan]. De volgende passage geeft de kern aan:

"De wetenschap die de concrete verschijnselen der natuur bestudeert, laat zien hoe grandioos complex en uitgebalanceerd het universum in elkaar zit. ‘Wonderbaarlijk’ wordt de sleutelterm die in de beschouwingen van natuuronderzoekers telkens weer opduikt, in talloze varianten. Het onmetelijke mechaniek, met zijn eeuwigdurende bewegingen, krachten en tegenkrachten, bewijst dat er een schepper moet bestaan. Niet alleen de verschijnselen aan de hemel, maar ook de verbazende bouw en werking van de allerkleinste organismen, de breking van het licht in een waterdruppel, of de veelvormige structuur van sneeuwvlokken: ze lijken alle te duiden op het bestaan van een schepper die dit alles zo heeft gewild."

In dat wereldbeeld hebben ook alle verschijnselen hun nut, wat misschien niet meteen zichtbaar is (en wat daarom ook nauwkeurig bestudeerd moet worden). “Vele van dit soort redeneringen doen denken aan wat we tegenwoordig systeemtheorie of ecologie zouden noemen: alles hangt met alles samen in een wederzijds zinvol verband.” (W&D, p. 453)

Het werk

Katechismus der Natuur (1777-1779), een werk in vier delen, wordt wel beschouwd als Martinets belangrijkste werk. Dit werk bestaat uit een aantal “zamenspraken”, d.w.z. dialogen tussen een leermeester en zijn leerling, waarin de hele schepping wordt behandeld, van zandkorrel tot menselijke anatomie, van mosplantje tot de hemellichamen.

Het werk was behoorlijk populair en werd “vele malen herdrukt en zelfs in ’t Duitsch, Engelsch, Maleisch en Japansch vertaald” (NNBW). Dat laatste lijkt overigens te slaan op zijn uit één deel bestaande bewerking voor kinderen. “In het eerste jaar worden al zesduizend exemplaren verkocht.” (W&D, p. 454). In de jaren 1827-1829 verscheen nog een 6e druk van de vierdelige uitgave.

De inhoud van het vierdelige werk bestaat uit een beschrijving van de “gehele” schepping, de natuur zoals die zich aan ons voordoet, gedreven door het vraag- en antwoordspel tussen leerling en leermeester, de zogenoemde “zamenspraaken”, die je kunt beschouwen als (omvangrijke) hoofdstukken. De eerste twee delen bevatten zes van die hoofdstukken, deel 3 bevat er slechts vier, deel 4 bevat er 6 – gezamenlijk 22.

Het begint groots in deel 1, met de kosmos: over het uitspansel en de hemellichamen, de lucht, de aarde als planeet, de mens, en het land en het water. In deel 2 staat de dierenwereld centraal. Na een inleidend hoofdstuk over de eigenschappen van dieren volgen meer specifieke hoofdstukken over de vogels en vissen. Het aardige is dat elk van die drie hoofdstukken gevolgd wordt door een hoofdstuk gewijd aan de betreffende diersoorten in ons land. In deel 3 wordt die aanpak doorgezet met uiteenzettingen over de insecten (een speciaal geliefd onderwerp bij onze auteur – eigenlijk jammer dat daarvan geen afbeeldingen zijn opgenomen in het werk) en vervolgens stappen we over naar de plantenwereld, en schrijft Martinet o.a. over “de verscheidenheid en nuttigheid der planten onzes vaderlands.” Deel 4 tot slot behandelt de bloemen, zaden, bomen en specifiek de “voortbrengselen van het oosten en westen”, waarna een samenspraak volgt over de oogst.

Het gehele werk is doortrokken van verwondering, of beter: bewondering voor de natuur, de nuttigheid van alles op een hoger plan (in de chain of being) en voor de Schepper van al dit moois en nuttigs.

De Aanmerkingen van J. de Vries, achterin deel 1 en 2, vormen (ironisch) commentaar op het werk van Martinet.

De uitgave

De Katechismus der Natuur is uitgegeven in 4 delen in de jaren 1777-1779. In deze uitgave is elk deel in een aparte band ondergebracht. De banden zijn halfleer met gemarmerde platten.

In de banden 1 en 2 zijn bovendien de Natuurkundige en ophelderende aanmerkingen op resp. deel 1 en 2 mee ingebonden. Deze twee commentaren van J. de Vries op het werk van Martinet zijn bij een andere uitgever verschenen. Het vermoeden bestaat dat een vorige eigenaar ze zelf mee heeft laten inbinden.

De prenten in de boeken zijn netjes genummerd en vermeld in de inhoudsopgave. In de delen 1 en 2 zijn echter nog enkele extra platen te vinden, die dus niet zijn vermeld in het lijstje voorin, die ook geen plaatnummer hebben, maar die wel bovenaan vermelden dat ze bij deel 1 of 2 horen. Mogelijk zijn die los uitgegeven en wellicht ook door die eigenaar mee ingebonden.

Herkomst

De set zoals hij er nu is, lijkt afkomstig te zijn uit twee verschillende collecties, de delen 1 en 2 versus 3 en 4. Dat is te zien aan een aantal eigenschappen:

  • De verschillende ruggen van de boekbanden (zie afbeelding hierboven).
  • De sporen van vorige eigenaren (zie hieronder onder Provenance): sommige namen staan alleen in de delen 3 en 4.
  • De genoemde extra prenten komen alleen voor in de delen 1 en 2.
  • De toegevoegde Natuurkundige aanmerkingen komen alleen voor in de delen 1 en 2.

Provenance

Alle vier de banden bevatten een ingeplakt ex libris van K.W.H. Leeflang, naar inschatting uit eerste helft 20e eeuw. Sinds die tijd vormen deze vier delen dus samen een set.

De handgeschreven naam van P. van Klaveren A(drianus)zoon is alleen te vinden in deel 3 en 4 – dit zou wel eens de eerste of een van de eerste eigenaren kunnen zijn, gezien het type handschrift.

Een derde eigenaar is L. van der Tasdz, zowel middels een enkele handgeschreven naam als via een (nog deels zichtbare) stempelafdruk. Dat laatste doet vermoeden dat dit ook een 20e-eeuwse eigenaar is.

Nadere beschrijving per deel

In onderstaande paragrafen wordt per deel (lees: boekband) een volledige titelbeschrijving gegeven en een beschrijving van de illustraties, waarvan de meeste ook hier afgebeeld zijn.

Band 1

Band 1 bevat de volgende twee werken:

J.F. Martinet, Katechismus der Natuur. Eerste deel. Met plaaten. Wed. Loveringh en Allart, Amsterdam, 1778. 2e druk, XVI+424+[6]p.

Bevat naast de 4 voorin genoemde nog 3 andere, ongenummerde platen. Van de platen zijn er 6 zwart-wit, 1 handgekleurd; 5 van de platen zijn uitvouwbaar.

J. de Vries, Natuurkundige en ophelderende aanmerkingen, over het eerste deel van den Katechismus der Natuur door J.F. Martinet, Amsterdam: Joannes van Selm, 1779. 1e druk, XVI+188p.

NummerFormaatTitel / OmschrijvingGemaakt door
1PaginaDe TitelplaatJ.A. Kaldenbach ad viv. del. / Reinier Vinkeles sculp. 1777
ongenummerdUitklapbaarHemellichamenJ.P. van Hoogstraten dirax (lees: direx) 1780
2UitklapbaarDe SneeuwfiguurenJ. Kuypers ad viv. del.
ongenummerdUitklapbaarHagelJ.P. van Braam ad viv. del
3UitklapbaarDe RymfiguurenJ.F. Martinet ad viv. del
ongenummerdPaginaZandJ.P. van Hoogstraten direx 1780
4UitklapbaarDe Tafel van ’t Menschlyk LichaamJ. Punt fecit 1777

De uitdrukking ad viv. del. (= ad vivum delineavit) betekent “naar het leven / naar de natuur getekend” (zie o.a. Ad Stijnman, Terms in Print Addresses: Abbreviations and Phrases on Printed Images 1500–1900). De aanduiding sculp[s], sculptor of sculpsit duidt degene aan die daadwerkelijk uitgesneden of gegraveerd heeft, direx[it] staat voor degene onder wiens leiding / coördinatie de prent is uitgevoerd (“sous la direction de”).

Het aardige is nog dat Reinier Vinkeles (1) een leerling was van J. Punt (4).

Band 2

Band 2 bevat de volgende twee werken:

J.F. Martinet, Katechismus der Natuur. Tweede deel. Met plaaten. Johannes Allart, Amsterdam, 1778. 1e druk, [8]+426+[6]p.

Bevat naast de 7 voorin genoemde nog 2 andere platen. Van de platen zijn er 8 zwart-wit, 1 handgekleurd; 4 van de platen zijn uitvouwbaar. Ex libris K.W.H. Leeflang.

J. de Vries, Natuurkundige en ophelderende aanmerkingen, over het tweede deel van den Katechismus der Natuur door J.F. Martinet, Amsterdam: Joannes van Selm, 1778. 1e druk, 200p.

NummerFormaat Titel / Omschrijving Gemaakt door
1PaginaDe TitelplaatJ.A. Kaldenbach ad viv. del. / Reinier Vinkeles sculp. 1778
2PaginaDe WatervalJ.A. Kaldenbach ad viv. del. / N. v.d. Meer Jun. Sculps.
3UitklapbaarDe Vederen der VogelenJ.H. van Hasselt ad viv. del
4PaginaHet Nestje van een VogeltjeA.E. van Braam Houckgeest ad viv. del.
ongenummerdPaginaZeesterJ.P. van Hoogstraten direx / N. v. Frankendaal ad viv. del.
ongenummerdUitklapbaarSchubbenJ.P. van Hoogstraten direx
5UitklapbaarDe HoornsJ.H. van Hasselt ad viv. del
6UitklapbaarDe HoornsJ. Kuypers ad viv. del.
7PaginaDe ZeeäppelenJ.H. van Hasselt ad viv. del. / N. v. Frankendaal sculps.

De naam Van Hasselt wordt op de verschillende platen met verschillende combinaties van dubbele s gespeld (soms tweede de s als een lange -s), waardoor mijn eerste lezing “Hasfelt” niet bleek te kloppen).

A.E. van Braam Houckgeest (1738-1801) was onder meer ambassadeur in China, waar hij een tijdlang geleefd heeft, wat een beetje het exotische uiterlijk van deze fraaie, gekleurde prent verklaart en ook het opvallende onderschrift:

Zie hier het aartigste Nestje, dat ooit myne oogen zagen! gemaakt door een vogeltje te Canton in China.

Band 3

J.F. Martinet, Katechismus der Natuur. Derde deel. Met nieuwe plaaten. Johannes Allart, Amsterdam, 1779. 2e druk, [8]+394p.

Bevat de 6 voorin genoemde platen. Van de platen zijn er 6 zwart-wit, 0 handgekleurd; 1 van de platen is uitvouwbaar.
NummerFormaatTitel / OmschrijvingGemaakt door
1PaginaDe TitelplaatJ.A. Kaldenbach ad viv. del. / Reinier Vinkeles sculp. 1778
2PaginaDe Pholaden in eene ScheepshuidJ.H. van Hasselt ad viv. del.
3UitklapbaarDe Insecten op ZeewierJ.H. van Hasselt ad viv. del.
4PaginaDe Geraamten van BladerenJ.H. van Hasselt ad viv. del.
5PaginaDe Zee-Ruy op eenen SteenJ.H. van Hasselt ad viv. del.
6PaginaHet MoschplantjeJ.H. van Hasselt ad viv. del.

Band 4

J.F. Martinet, Katechismus der Natuur. Vierde deel . Met nieuwe plaaten. Johannes Allart, Amsterdam, 1779. 2e druk, [XII]+510+[XLII]p.

Bevat de 7 voorin genoemde platen. Van de platen zijn er 6 zwart-wit, 1 handgekleurd; 4 van de platen zijn uitvouwbaar.
NummerFormaatTitel / OmschrijvingGemaakt door
1PaginaDe TitelplaatJ.A. Kaldenbach ad viv. del. / Reinier Vinkeles sculp. 1779
2PaginaDe ZonnedaauwJ.H. van Hasselt ad viv. del.
3UitklapbaarDe ZaadhuisjesJ.H. van Hasselt ad viv. del.
4UitklapbaarDe ZaadenJ.H. van Hasselt en J. Kuijpers ad viv. del.
5UitklapbaarDe Basten der PlantenN. v. Frankendaal del. et sculps.
6UitklapbaarDe Snydsels van HoutenJ.H. van Hasselt ad viv. del.
7PaginaHet PourtraitRein[ier] Vinkeles ad vivum del. et sculp. 1778 / J. Allart excud. [=excudit, “gaf het uit”]

Gebruikte bronnen

  • BWN = J.G. Frederiks en F. Jos. van den Branden, Biographisch woordenboek der Noord- en Zuidnederlandsche letterkunde. Amsterdam, 1888-1891 – via DBNL.
  • NNBW = P.C. Molhuysen en P.J. Blok (red.), Nieuw Nederlandsch biografisch woordenboek. Deel 2. Leiden, 1912 – via DBNL.
  • NVA = G.J. van Bork & P.J. Verkruijsse (red.), De Nederlandse en Vlaamse auteurs van middeleeuwen tot heden met inbegrip van de Friese auteurs. Weesp, 1985 – via DBNL.
  • W&D = Inger Leemans en Gert-Jan Johannes, Worm en donder. Geschiedenis van de Nederlandse literatuur 1700-1800: de Republiek. Amsterdam, 2017 – via DBNL.

De vier delen Katechismus der Natuur zijn eveneens online te raadplegen via DBNL, handig om een beeld van de inhoud te krijgen.

Een heel boeiende studie over het boek der natuur als “tweede openbaring”, maar dan gericht op de 16e en 17e eeuw, is onderstaand boek van Eric Jorink, dat ik elke geïnteresseerde kan aanraden.