De sonnetten van August von Platen zijn op aangename wijze klassiek: soepel, elegant, waardoor elke regel een statement in zich bergt dat op een bepaalde manier als “onweerlegbaar” kan gelden. In de vertaling van Paul Claes blijft dat gevoelen grotendeels overeind – en voor de rijmwoorden is het prettig dat Duits en Nederlands relatief verwant zijn.

Dat neemt niet weg dat Venetië ook bij Von Platen soms tot een zekere romantische, barokke beeldopbouw leidt, op het moment dat het labyrintische van de vele bruggen en straatjes aan de orde komt:

Dies Labyrinth von Brücken und von Gassen,
Die tausendfach sich ineinander schlingen,
Wie wird hindurchzugehn mir je gelingen?
Wie werd ich je dies große Rätsel fassen?

Dit labyrint van bruggen en van stegen,
Dat zich verstrikt in duizend kronkelingen,
Hoe lukt het mij ooit daardoorheen te dringen?
Hoe vind ik ooit het raadsel van die wegen?

Dat alles dan wel weer in strakke, metrisch en qua eindrijm regelmatige verzen. Het is die lichte elegantie, die ook in de sonnetten van P.C. Hooft of William Shakespeare zo’n aantrekkingskracht blijven houden: ze lijken altijd jong, fris en door ouderdom niet aangetast. 

In de Duitse versie, in tegenstelling tot de Nederlandse vertaling, zien we overal vrouwelijk rijm, wat het op een of andere manier zangeriger maakt, waardoor het schweben en umspülen bijna zichtbaar wordt in de regels. Hoe liefelijk (Claes vertaalt: “heerlijk”) is het als de zon gaat dalen, je over de lagune uitkijkt, die de stad zacht, teder omspoelt.

En dan dat mooie Duitse woord Müßiggänger: ledigganger, luierik, il dolce far niente, de sublieme en aangename verveling.

Om dan vervolgens een vriend te vinden in Giovanni Bellini, de Venetiaanse kunstschilder uit het Quattrocento, wiens geest samenvalt met het harmonische streven (apollinisch, evenwichtig, klassiek!) en wiens fijnzinnige ziel het ware bemint:

O, wat een geluk als je je helemaal kunt geven aan dat harmonische voorbeeld, en daarmee met de engelen van Bellini te leven. Paul Claes is Vlaams of Zuid-Nederlands genoeg om ganz ook eenvoudigweg met “gans” te vertalen – dat past geheel in de klassieke sfeer van deze sonnetten.

August von Platen, Venetiaanse sonnetten (Sonette aus Venedig). Vertaald uit het Duits door Paul Claes, Plantage/G&S, Leiden, 1992. 1e druk - paperback, 85p. - [Visum; 8]. - Tweetalige uitgave, fraai vormgegeven.
Geplaatst in Niet gecategoriseerd