Een kloek boek

Amai, wat een kloek boek (ca. 30 x 45 cm). Indrukwekkend alleen al door de grootte (een soort modern groot folio), met bovendien een band in halfperkament met ribben. Wat is dit voor een boek?

Het is het Heilige Evangelie (d.w.z. alle vier de evangeliën) in een tekst uit 1657 (Statenvertaling, zie colofon), uitgegeven in 1939, aan de vooravond van WO2: schitterend papier, beperkte oplage, prachtige illustraties door Jan Th. Giesen.

Lees verder

Gekort, gekapt, gekandelaard

Het dichtwerk van Guido Gezelle (1830-1899) is dermate omvangrijk dat het geheel niet makkelijk is te overzien. Als gevolg daarvan verwijl je als lezer al makkelijk bij de bekende hoogtepunten, zoals ”t Schrijverke, ”t er viel ne keer, Wintermuggen en natuurlijk Ego flos. Maar er is zoveel meer. Als vader van de Vlaamse taal was Gezelle kind van zijn tijd en zijn poëtica bij uitstek romantisch. Als (taal)gevoelige priester beleefde hij de natuur op vaak mystieke, beschouwende wijze. Geen wonder dat het mogelijk bleek een dikke bundel samen te stellen met alleen maar boomgedichten.

Lees verder

Nu stelt het puick van zoete kelen

Het jaar 1937 was het 350-ste geboortejaar van Joost van den Vondel. Bovendien was Gysbrecht van Aemstel, een van zijn bekendste werken, precies 300 jaar oud. De grote Vondel-herdenking werd dat jaar gevierd met tal van uitgaven van zijn werken, waaronder de 10 kloeke delen van De werken van Vondel (uitgegeven tussen 1927 en 1937).

Ik realiseer me dat mijn uitgebreide kennismaking met Vondel (en overigens ook Hooft en Huygens) met name te danken was aan de uitstekende lessen aan het Henric van Veldekecollege te Maastricht. Naast de bekendste (kleinere) gedichten van Vondel hebben we destijds in de klas (vwo 5) ook Gysbrecht van Aemstel integraal gelezen.

Lees verder